Wat is Bio-Energetische Analyse?

De Bio-energetische Analyse is een psychotherapeutische methode, die zich niet alleen richt op psychische problemen, maar ook op chronische spanningspatronen in het lichaam. Een belangrijke veronderstelling is dat er geen fundamentele scheiding is tussen lichamelijke en psychische energieprocessen.

Eind jaren zeventig is de Bioenergetische Analyse (BeA) als psychotherapeutische methode ontwikkeld en in Nederland geïntroduceerd door Alexander Löwen. Het is een werkwijze die op het lichaam, het zelf en op de relatie georiënteerd is. Deze aspecten van de mens vormen samen een psychosomatische eenheid!  BeA Therapeuten gebruiken naast het gesprek specifieke technieken en methoden om het proces van clienten te initiëren en te activeren om het bewustzijn te openen. De effectiviteit van deze werkwijze zit in de relatiecomponent die zich kenmerkt door een specifieke vorm van interactie tussen therapeut en cliënt. Dit is een gelijkwaardige en wederzijdse afstemming tussen cliënt en therapeut en vraagt alle aandacht van beiden. Hierdoor ontstaat een relatie die veilig is waardoor mensen zichzelf werkelijk kunnen openen en in staat zijn te veranderen.

Visie op mens en ontwikkeling

Basisvoorwaarden

Om ons te kunnen ontwikkelen hebben wij als kind een aantal voorwaarden nodig zoals o.a. voeding, bescherming, begrenzing, steun, en liefde.

Als een kind uiting kan geven aan alles wat het beleeft en beweegt en dit met waardering en respect ontvangen wordt, kan het opgroeien tot een volwassene die zijn eigen behoeften kan vervullen. Als een kind geen toestemming van de omgeving krijgt om emoties te uiten, wordt dit ervaren als afwijzing. Om de afwijzing en verdriet daarover te voorkomen, zal een kind zich aanpassen aan de verwachtingen van z'n omgeving, door zijn gevoelens en lichaam te beheersen.

De prijs van deze beheersing kan een chronische spierspanning zijn of een beperking in het volledig en vrije ademhalen. Dit kan beperkingen geven om een gelukkig leven te leiden.

Andere uitgangspunten

Mensen hebben behoefte aan: contact en verbinding, wederzijdse afhankelijkheid en autonoom zijn, onderlinge afstemming en ‘weten’ dat er van jou gehouden wordt.

Een belangrijk uitgangspunt is dat onze (relationele) basis gevormd wordt in de eerste levensjaren; in de primaire relatie met moeder/vader en het gezin.

Mensen ontwikkelen zichzelf voortdurend, in de interactie met anderen. Zonder menselijk contact en emotionele verbindingen kunnen we niet leven. Het is de verbondenheid met anderen waardoor je jezelf blijft ontwikkelen.

Je bent een samenspel van alle eerdere ervaringen waardoor je ‘kijk’ op je omgeving gekleurd is. Met deze gekleurde bril kijk je de wereld in. Je levensgeschiedenis ligt vast in je lichaam en in je manieren van doen. Pijnlijke ervaringen worden o.a. opgeslagen in de vorm van spierspanningen. Dit wordt gezien als een reactie, een defensiepatroon van mensen op moeilijke levensomstandigheden. Je verliest daardoor je vitaliteit en levendigheid.

Bij moeilijke te verwerken gebeurtenissen geven je lichaam en je geest signalen af dat er iets aan de hand is! Soms lukt het niet om zelf uit je situatie of problemen te komen en ontstaat er een kwetsbare plek. Waar je met hulp en aandacht weer doorheen of overheen kunt groeien.

Manier van werken

Vanuit het hier en nu wordt letterlijk stilgestaan bij de karakteristieke reacties en houdingen, die je hebt aangenomen. Welke ervaringen hebben je bril gekleurd daarin?  De aandacht gaat uit naar wat er anders zou kunnen en naar mogelijkheden die je hebt.

De focus ligt op de taal van het lichaam - houding, beweging, ademhaling, beweeglijkheid en vocale expressie –  en alle non-verbale signalen. Thema’s als zelfbeeld, zelfexpressie, zelfcontrole en vitaliteit komen hierin naar voren. Dit proces geeft ruimte aan een perspectief op veranderingen waardoor je zelf weer de regie kunt nemen over je leven.

Doel van de bio-energetische aandacht-  en bewegingsoefeningen is om je meer bewust te worden hoe je met jezelf, je emoties en gevoelens om gaat. Sinds kort is er ook een bewijs dat er een neuraal netwerk actief is tussen de bijnieren en de motorische cortex in het brein. Dit betekent dat de aandacht- en bewegingsoefeningen zoals we die in de BeA gebruiken een wetenschappelijke basis hebben gekregen.